11 juni 2026
Toen Dicky werd geboren, was hij allesbehalve een ‘dikkie’. Met 29 weken en 6 dagen kwam hij veel te vroeg ter wereld en woog hij 858 gram, minder dan een pak suiker. Voor ouders Alex en Larissa was het niet de eerste keer dat ze te maken kregen met een vroeggeboorte. Ook hun dochter Dora (5,5) en zoon Donny (2,5) werden te vroeg geboren. Toch bracht deze zwangerschap opnieuw veel onzekerheid en spanning met zich mee.
Al tijdens de zwangerschap bleek dat Dicky onvoldoende groeide in de buik. Rond 26 weken werd Larissa doorgestuurd naar het Amsterdam UMC. Vanaf dat moment draaide alles om controles, CTG’s en de vraag of Dicky nog veilig in haar buik kon blijven. “Ik zat enorm op zijn groei”, vertelt Larissa. “Bij iedere groeiecho hoopte ik dat hij was aangekomen. Soms bleek dat nauwelijks zo te zijn. Dat vond ik heel moeilijk. ”
Tegen alle verwachtingen in lukte het om de zwangerschap nog vier weken te rekken. “Toen we met 26 weken naar het ziekenhuis werden gestuurd, hadden we nooit verwacht dat we nog vier weken zouden winnen”, vertelt Larissa. Voor Dicky maakten die vier weken een wereld van verschil. Iedere extra dag gaf hem meer tijd om zich in de buik verder te ontwikkelen. Toen hij uiteindelijk werd geboren na 29 weken en 6 dagen zwangerschap, had hij ondanks die gewonnen tijd de groei van een kindje van ongeveer 26 à 27 weken.
Geen roze wolk
De hoop op een laatste rustige zwangerschap veranderde voor Larissa en Alex in een periode vol ziekenhuisbezoeken en controles. “Het was mijn laatste zwangerschap. Ik vond het heel verdrietig dat het weer niet goed ging. Je hoopt toch dat je een zwangerschap een keer gewoon kunt afsluiten zoals het hoort”, vertelt Larissa. “Ik heb nooit echt in die cocon gezeten. Elke CTG bracht zoveel spanning mee. Voor andere mensen was het misschien gewoon een controle, maar voor mij was het erop of eronder. Als ik een slechte CTG had, dan ging ik gewoon naar de OK.”
Naast de zorgen om Dicky maakten Larissa en Alex zich ook zorgen over zichzelf en hun gezin thuis. “Ik had echt het gevoel dat er iets met mij zou gebeuren”, vertelt Larissa. “Het was een slopende periode.” Ook voor Alex waren het spannende weken. “Je bent continu aan het schakelen. Je maakt je zorgen om Larissa, om Dicky en om de kinderen thuis. En ondertussen probeer je er voor iedereen te zijn.”
Dicky is echt een liefdesbaby
Ondanks de moeilijke zwangerschap praten Alex en Larissa met veel liefde over hun jongste zoon. “Dicky is echt een liefdesbaby”, zegt Larissa. Het derde kindje was niet gepland, maar meer dan welkom. Juist daarom voelt zijn komst extra bijzonder. Alex en Larissa zijn inmiddels ruim tien jaar samen. “We zijn niet alleen partners, maar ook elkaars beste vrienden”, vertelt Alex. “We hebben ontzettend veel steun aan elkaar.”
Ook hun familie speelde een belangrijke rol. “Zonder onze superoma’s hadden we dit niet gekund”, zeggen ze. Terwijl Alex en Larissa dagelijks tussen huis en ziekenhuis reizen, zorgen beide oma’s voor rust en regelmaat thuis. “Je wilt voor je kinderen dat het gewone leven zoveel mogelijk doorgaat. Onze moeders zijn echt onze steunpilaren.”
Een magisch moment
Na de geboorte werd Dicky direct opgenomen op de NICU van het Erasmus MC Sophia Kinderziekenhuis. De eerste dagen stonden vooral in het teken van medische zorg. Pas twee dagen na zijn geboorte kon Larissa hem voor het eerst buidelen. “Dat was echt een magisch moment”, vertelt ze. “Dan voel je meteen die verbondenheid. Alsof je weer even gewoon moeder kunt zijn.”
Ook Alex brengt dagelijks uren huid-op-huid door met zijn zoon. “Dicky ligt dan met zijn hoofd op mijn borst, op mijn hart eigenlijk”, vertelt Alex. “Ik denk dat hij dat herkent van de buik. Je merkt gewoon dat hij dan rustig wordt.”
Ouders zijn het beste medicijn
In het Sophia Kinderziekenhuis is buidelen een belangrijk onderdeel van de zorg voor premature baby’s. Huid-op-huidcontact helpt baby’s om rustiger te worden en ondersteunt hun ontwikkeling. Tegelijkertijd versterkt het de band tussen ouder en kind.
Kinderarts-neonatoloog Gerbrich van den Bosch ziet dagelijks hoe waardevol deze momenten zijn. “Buidelen heeft zowel voor het kind als voor de ouders een positief effect. Het vermindert stress en draagt bij aan het welzijn van allebei. Daarom besteden we veel aandacht aan het begeleiden van ouders. Ouders zijn tenslotte het beste medicijn.”
Om ouders tijdens het buidelen extra comfort te bieden, heeft Stichting Vrienden van het Sophia bijgedragen aan speciale buidelkussens. Larissa gebruikt ze dagelijks. “Die kussentjes geven echt steun. Zeker na een keizersnede. Daardoor houd je het buidelen veel langer comfortabel vol.”
Samen zorgen
Alex en Larissa zijn nauw betrokken bij de verzorging van hun zoon. Samen met de verpleegkundigen verschonen ze luiers, geven ze voeding en leren ze stap voor stap steeds meer zelf te doen. “Dat maakt dat je je echt ouder voelt”, vertelt Alex. “Natuurlijk blijft het spannend, maar het personeel begeleidt ons daar ontzettend goed in.” De waardering voor het zorgteam is groot. “De verpleegkundigen en artsen zijn fantastisch”, zegt Larissa. “Er wordt aan zoveel kleine knopjes gedraaid om het voor deze kinderen zo goed mogelijk te doen.”
Meer aandacht voor prematuriteit
De ervaringen die Alex en Larissa hebben opgedaan, hebben ook iets in beweging gezet. Larissa wil zich inzetten voor andere ouders van premature baby’s. Veel mensen weten volgens haar niet wat een opname op de NICU werkelijk betekent. “Vrienden vragen soms of Dicky al bijna naar huis mag. Dat is heel lief bedoeld, maar mensen hebben vaak geen idee wat er allemaal bij komt kijken.”
Daarom werkt ze aan Prematuurwereld, een platform waar verhalen, ervaringen en informatie samenkomen. “Ik wil meer aandacht voor de wereld achter een vroeggeboorte. Niet alleen voor de baby’s, maar ook voor de moeders, vaders, broertjes en zusjes. Er komt zoveel meer bij kijken dan mensen vaak denken.”
Voor nu draait het vooral om Dicky. Om groeien, aankomen en iedere dag een stapje vooruit. “Het gaat nooit in een rechte lijn”, zegt Alex. “Er zijn altijd hobbeltjes. Maar als je ziet hoe hij het nu doet, zijn we vooral heel trots.”
